Ons verblijfplaats was een rondavel met een keukentje. We aten een boterham en gingen dan naar de manège
van het kamp. We reden twee uur door een prairieachtig landschap.
We voelden ons net cowboys in een western. Er liepen antilopen op de bergflanken. Het landschap is weer heel
anders als je het van op een paard bekijkt. We lachten ons in een deuk met de Indiërs die ook meereden en die
eigenlijk bang waren van paarden.
Rond 16 uur waren we terug en maakten we een wandeling naar “Mushroom rock”. Het was een serieuze klim,
maar het uitzicht was de moeite waard. De paddenstoelachtige goud-rode bergen staken prachtig af tegen de
zonsondergang.
’s Avonds kookte ik zelf en zijn we gaan slapen na een flesje Afrikaanse schuimwijn die we openden om onze
zevende huwelijksverjaardag te vieren.
Dag 15
Na een vrij onrustige nacht (veel pijn aan het achterwerk van het paardrijden en veel lawaai van
voorbijdenderende wagens) ontbeten we en vertrokken we rond half acht naar Bloemfontein.Dit is een redelijk
drukke en vuile stad. Er wordt veel op straat verkocht op gammele kraampjes, zoals bananen, worst en
aardappelpuree, gsm’s, snoep,… .Eerst hebben we het stadscentrum bezocht en zijn we naar het toeristisch
informatiecentrum gegaan. Daar zeiden ze dat het stadscentrum te vermijden was voor toeristen, terwijl wij
niets ondervonden hadden. In bloemfontein zijn er twee mooie parken, één met een zoo en één met een
orchideeënserre, maar deze zijn zeer kaal in de winter. We lunchten aan de “Riverside” van Kings Park,
een vrij modern winkelcentrum in volle expansie met veel shops en restaurantjes voor de rijkere mensen.
We logeerden in het hotel “Hobbit Boutique”, een zeer appart hotel opgedragen aan de auteur “Tolkien”,
schrijver van “The lord of the rings”. Tolkien is geboren in Bloemfontein. Elke kamer was vernoemd naar een
personage uit de boeken van Tolkien en binnen was alles ingericht zoals in het huis van een hobbit. Alles was
zeer gezellig, mooi en rustiek gedecoreerd in oud engelse stijl met veel ornamentjes en leuke decoratie.
Er zat een beer op ons bed die een welkomstboodschap vast hield. We beschikten over een prachtige
badkamer met een bloemenbad op leeuwenpootjes en een regendouche.
De gastheer verwelkomde ons in zijn bar en hobbittuin vol prieeltjes en vogelhuisjes, tuinhuisjes, prieeltjes,
vijvertjes, kabouters en hobbits. Hij vertelde ons veel over de Afrikaanse manier van leven.
’s Avonds aten we in restaurant “Cubana” een groot bord tacco’s met guacamole en pikante saus en kaas.